Rouwcultuur: gewoonten, kleding en sieraden

 

Zeeuwse-klederdracht-2010_EWS1796-Edit-Eddy-Westveer-eddywestveer.com
Rouwbroche uit Twente, uit de jaren '50 (kunststof)
Gitten rouwnknopen uit de periode 1870-1940

De meeste informatie op deze pagina
is met toestemming overgenomen uit:

Thanatos,
de geschiedenis van de laatste eer

door H.L. Kok, 2005

ISBN 90 78039 01 9

Een prachtig en rijk geïllustreerd boek
over dood en uitvaart in verleden
en heden en de gebruiken daaromheen

 

Te bestellen bij:
Boekhandel/uitgeverij/drukkerij Berne

Abdijstraat 53, 5473 AC Heeswijk

Telefoon 0413-293480

http://www.berneboek.com

Rouwkleding als vermomming.

Van oudsher was het gebruikelijk, ook bij primitieve volkeren, dat bij een sterfgeval nabestaanden zich anders gingen kleden en eventueel het gezicht bedekten met een sluier. Dit was niet direct een uiting van droefheid maar een vermomming, bedoeld om de aandacht van de vertrekkende ziel af te leiden en zich tegen geesten te beveiligen door zich aan de geesten gelijk te maken.

 

Wit om af te weren

Om die reden was de oorspronkelijke rouwkleur in Europa wit. Een geest of 'spook' ziet men ook als een witte verschijning. Wit is altijd de kleur gebleven tot afweer van geesten en het tonen van de diepste rouw. De rouwtijd werd bepaald door de duur die men dacht dat een ziel nodig had om het hiernamaals te bereiken. Was zij daar aangeland dan had men niets meer te vrezen en behoefde men zich niet langer meer te verbergen

 

Van wit naar zwart

In 1498 nam Anna van Bretagne na de dood van haar gemaal, Karel de VIII van Frankrijk, zwart als de kleur voor rouwkleding aan hetgeen al snel navolging vond. De rouwgewaden waren aan mode onderhevig en er waren grote regionale verschillen.

 

Rouwen volgens voorschrift

Het rouwen functioneerde omdat het herkend en erkend werd. Dit alles kwam vooral tot uitdrukking in de rouwkleding die, al naar gelang de bloedverwantschap, gedurende een bepaalde periode werd gedragen. Voor alle lagen van de bevolking tot en met het hof lag alles vast. Van de vaak ongeschreven en bij overlevering bewaarde afspraken was het standsverschil af te lezen.

 

Koningin Victoria

In de tweede helft van de 19e eeuw bereikte met name in de steden de rouwcultuur een hoogtepunt, met zeer gedetailleerde afspraken en codes over kleding, sociale contacten en gedrag. Koningin Victoria heeft hier een belangrijke rol in gespeeld. Na de dood van haar echtgenoot prins Albert in 1861, beval deze Britse vorstin haar volk zwarte rouwkleding te dragen. Dit vond navolging in grote delen van Europa en in de Verenigde Staten.

 

Git en glas

Aan de rouwkleding voor vrouwen in welvarende kringen werd veel aandacht besteed. In damesbladen, zoals 'Da Gracieuse' van 15 april 1879, stonden voorschriften voor een aangepaste versie van rouwkleding, die net zo modegevoelig was als gewone kleding. De gebruikte knopen waren, afhankelijk van de zwaarte van de rouw, dof of glanzend. De mooiste - en duurste- waren van git, een koolstof die in een van de vele ateliers in Whitby (Groot-Brittannië) werd bewerkt tot knopen, kralen en sieraden. Een betaalbaar alternatief werd gevonden in geslepen en gematteerd zwart glas ('Frans git' of 'armoede-git') en in gehard rubber (caoutchouc) dat in diverse vormen kon worden geperst.

 

Rouwwarenhuizen

Ook de accessoires, van wasmerken en naalden tot zakdoeken en de horlogeketting, werden op zwart afgestemd. In de etiquetteboeken luidt het 'let op, de wereld oordeelt juist wat de rouw betreft, streng! Willekeurige beperking baart opzien'. Met de opkomst van grote warenhuizen komen er ook enkele gespecialiseerd in rouwkleding en rouwaccessoires. In Nederland hadden maar weinig mensen eigen rouwkleding, zij huurden die, ook voor de dragers.

 

Van rouwkleding naar rouwband naar niks

Na de eerste wereldoorlog (1918) werd het rouwdragen minder. Vooral voor mannen in de steden werd het steeds moeilijker om zoals vaak de rouwcode was, een jaar en 6 tot 8 weken volledig in het zwart te lopen. De rouwdracht was niet mogelijk voor bijvoorbeeld militairen en in andere openbare functies. Als alternatief werd voor de duur van de rouw een rouwband om de linkermouw geschoven of een ruitvormig stukje stof op de linkermouw of voor op de pet vastgemaakt. In de tweede helft van de 20e eeuw raakte het tonen van rouw geheel in onbruik, uitzonderingen daargelaten.

 

21ste eeuw: behoefte aan erkenning en herkenning van rouw

Met het verdwijnen van het rouwvertoon is ook de aandacht voor de rouwende verdwenen. Sinds enige tijd is hernieuwde aandacht voor rituelen rondom de uitvaart. Met de rouwknoop kan ook de behoefte aan herkenning en erkenning van rouw weer zichtbaar worden.

 

 

Graag breid ik mijn verzameling uit; zie Oude rouwknopen